• Fiscaris
  • Vacatures
Bel ons +31 (0)70 3382730
HealthFlex
×
  • Home
  • Diensten
    • Accountancy
    • Belastingen
    • Advies
    • Salarisadministratie
    • Onze Services
  • Medische Branches
    • Mondzorg
    • Huisartsen
    • Dierenartsen
    • Fysiotherapeuten
    • Psychologen/Psychiaters
    • Medisch Specialist
    • Logopedie
    • Overige (para)Medici
  • Informatie
  • Over ons
    • Ons Team
    • Vacatures
  • Nieuws
  • Contact

Mogen grote steden woningbeleggers in alle wijken weren?

Mogen grote steden woningbeleggers in alle wijken weren?
31/10/2021Actueel

Gemeenten krijgen binnenkort een nieuw instrument in de strijd tegen woningnood: opkoopbescherming. Dit is een vergunningplicht voor het verhuren van een recent aangeschafte woning. Het doel daarvan is het weren van opkopende beleggers die delen van de woningmarkt domineren. Onder meer de gemeenten Rotterdam, Den Haag en Amsterdam hebben al gezegd hiervan gebruik te zullen maken in de hele gemeente. Dat laatste is echter makkelijker gezegd dan gedaan.

De regeling Opkoopbescherming

Beleggers schaffen steeds meer koopwoningen aan. Dit kan de kansen van starters op de woningmarkt verkleinen. Op 6 juli 2021 stemde de Eerste Kamer daarom in met een aanpassing van de Huisvestingswet 2014 (de “Huisvestingswet“) waarmee gemeenten het verhuren van een opgekochte woning vanaf begin 2022 kunnen onderwerpen aan een vergunningplicht (“Opkoopbescherming“). Dat zou het onaantrekkelijk moeten maken voor beleggers om die woningen op te kopen. Opkoopbescherming is dus geen direct “opkoopverbod”, maar komt de facto daarop neer doordat het door de beleggers beoogde gebruik (de verhuur van de opgekochte woningen) wordt verboden.

Gemeenteraden kunnen de Opkoopbescherming toepassen in hun gemeente door in de gemeentelijke huisvestingsverordening bepaalde categorieën woningen en gebieden aan te wijzen waarvoor de vergunningplicht geldt. Opkoopbescherming treft dan ook alleen de woningen die op het moment van het toepassen van Opkoopbescherming door de gemeenteraad nog niet verhuurd waren.

Het college van burgemeester en wethouders (het “college“) is bevoegd de vergunning te verlenen, maar uitsluitend in vooraf in de huisvestingsverordening afgebakende uitzonderingsgevallen. Zo verleent het college een vergunning als de woning wordt verhuurd aan nabije familie, bij verhuur voor korter dan één jaar of als de woning onlosmakelijk deel uitmaakt van een winkel-, kantoor- of bedrijfsruimte. Het college heeft daarnaast de bevoegdheid om een ontheffing te verlenen in individuele uitzonderingsgevallen. Buiten deze uitzonderingsgevallen is de kans op het krijgen van een vergunning beperkt.

Het invoeren van Opkoopbescherming in de gemeente vergt een stevige onderbouwing: het weren van beleggers in de hele stad is makkelijker gezegd dan gedaan

Opkoopbescherming mag niet zomaar worden toegepast. De gemeenteraad moet bij de vaststelling van de huisvestingsverordening en de toelichting daarop onderbouwen dat Opkoopbescherming noodzakelijk en geschikt is voor het bestrijden van onevenwichtige en onrechtvaardige effecten van schaarste aan goedkope en middeldure koopwoningen of voor het behoud van de leefbaarheid van de woonomgeving.

Het woonruimtevoorraadvergunningstelsel van artikel 21 Huisvestingswet heeft een vergelijkbare bewijslast. Gemeenten kunnen daaraan voldoen door de vergunningplicht te onderbouwen met een deskundigenrapport over de negatieve effecten van schaarste aan woningen in de gemeente. Die werkwijze past wat ons betreft ook bij het toepassen van de Opkoopbescherming.

Op basis van de jurisprudentie hebben wij de indruk dat de bestuursrechter de onderbouwing van vergunningplichten op grond van de Huisvestingswet nog niet heel indringend toetst. Wij kunnen ons echter voorstellen dat de rechterlijke toets indringender zal worden naarmate meer woningeigenaren en beleggers worden geconfronteerd met de negatieve gevolgen van Opkoopbescherming, zeker wanneer deze gevolgen ingrijpend zijn. Dit geldt temeer nu de Opkoopbescherming de woningmarkt in feite voor een groot deel afsluit voor één categorie kopers, namelijk beleggers. Dit tast de verkoopmogelijkheden en daarmee (mogelijk) de marktwaarde van de woningen aan.

Beperking van het eigendomsrecht

Het ongestoord genot van de eigendom van een woning valt onder de bescherming van artikel 1 van het Eerste Protocol (“EP“) bij het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden (“EVRM“). Opkoopbescherming beperkt het eigendomsrecht van een woningeigenaar ingrijpend om de hiervoor genoemde redenen. De Opkoopbescherming moet dan ook voldoen aan de vereisten van artikel 1 EP EVRM, namelijk dat die (i) is voorzien bij wet, (ii) noodzakelijk is in het algemeen belang en (iii) dat er fair balance bestaat tussen de inbreuk op het eigendomsrecht en het algemene belang.

In de parlementaire geschiedenis licht de wetgever toe dat Opkoopbescherming  is voorzien bij wet omdat het wordt toegepast door middel van de gemeentelijke huisvestingsverordening. De wetgever benadrukt ook de algemene belangen van de betaalbaarheid van de woningmarkt en de leefbaarheid van buurten die gewaarborgd worden door de Opkoopbescherming. Over het vereiste van fair balance merkt de wetgever onder meer op dat het aan de gemeenteraden is om de noodzaak van Opkoopbescherming aan te tonen. Daarin heeft de wetgever gelijk. Of wordt voldaan aan de vereiste fair balance is in grote mate afhankelijk van de lokale omstandigheden van de woningmarkt in de gemeente. Het is belangrijk dat gemeenteraden bij toepassing van de Opkoopbescherming in de toelichting bij de huisvestingsverordening apart stilstaan bij dit vraagstuk. De gemeente zal onder meer moeten beantwoorden of er niet minder vergaande middelen zijn, mede gezien de mogelijkheden die de overheid heeft om de woningmarkt te beïnvloeden: zet de gemeente zich bijvoorbeeld wel voldoende in om sociale huurwoningen te realiseren en komt zij afspraken om de woningvoorraad te vergroten na? Gebruikt de gemeente planologische bevoegdheden om de bouw van sociale huurwoningen en middeldure huurwoningen af te dwingen met bijbehorende mogelijkheden om de huurprijs te bepalen? Faciliteert de gemeente zelfbouw en soortgelijke particuliere initiatieven in voldoende mate?

Mogelijke toepasselijkheid van de Dienstenrichtlijn

Voordat de regeling voor Opkoopbescherming bij amendement was ingebracht, heeft de wetgever een eerdere versie van deze regeling al in november 2020 ter internetconsultatie aan het publiek voorgelegd. In de toelichting op deze versie heeft de wetgever de toepasselijkheid van de Dienstenrichtlijn overwogen. Volgens de wetgever is de Opkoopbescherming een ‘vergunningstelsel’ in de zin van de Dienstenrichtlijn en is het verhuren van een woning een ‘dienst’ in de zin van de Dienstenrichtlijn. De Opkoopbescherming mag daarom niet discriminatoir zijn jegens dienstenverrichters uit andere lidstaten, moet gerechtvaardigd zijn door een dwingende reden van algemeen belang en er mogen niet minder beperkende maatregelen met hetzelfde effect voorhanden zijn. Volgens de wetgever wordt aan al deze vereisten voldaan. De toelichting bij de versie van de regeling voor Opkoopbescherming die uiteindelijk is aangenomen, vermeldt echter niets over de Dienstenrichtlijn. Dat verbaast ons. Het kan wat ons betreft geen kwaad als gemeenteraden bij het toepassen van Opkoopbescherming in de toelichting bij de huisvestingsverordening specifiek aandacht besteden aan de toepasselijkheid en de vereisten van de Dienstenrichtlijn. Met name de onderbouwing van het in een hele gemeente toepassen van Opkoopbescherming is in dat licht relevant, waarbij onder meer de vragen over minder vergaande alternatieven van belang zijn.

Verhouding met woonruimtevoorraadvergunning

De Huisvestingswet biedt gemeenten al de mogelijkheid om een vergunningplicht toe te passen voor de verhuur van woningen als hierdoor de woonruimtevoorraad wijzigt (artikel 21 Huisvestingswet). Daarvan is bijvoorbeeld sprake als een eengezinswoning wordt verhuurd als studentenkamers. Wij zien in ieder geval drie belangrijke verschillen tussen de Opkoopbescherming en de woonruimtevoorraadvergunning.

Ten eerste is de Opkoopbescherming beperkt tot goedkope en middeldure woningen. De woonruimtevoorraadvergunning kan gelden voor elk type woning in elk prijssegment. Het verschilt weliswaar per gemeente welke woningen goedkoop, middelduur of duur zijn en de gemeenteraad zal enige vrijheid hebben bij het invullen van deze begrippen. Wij nemen wel aan dat gemeenteraden daarbij gebonden zijn aan objectieve maatstaven zoals de WOZ-waarde van een woning.  Dit noemt de wetgever ook in de toelichting op de gewijzigde Huisvestingswet.

Ten tweede kan de Opkoopbescherming ook gelden als de gemeenteraad dit nodig acht om leefbaarheidsproblematiek te bestrijden. Dat is een belangrijk verschil met de woonruimtevoorraadvergunning, omdat die uitsluitend mag gelden als dat nodig is om schaarsteproblemen te bestrijden. Leefbaarheid mag wel een rol spelen bij de vergunningverlening.

Een derde belangrijk verschil is de mate van beoordelingsruimte die het college heeft bij de vergunningverlening. In de gebieden waar de Opkoopbescherming komt te gelden, kunnen woningen vanwege de formulering van de regeling uitsluitend in afgebakende uitzonderingsgevallen worden verhuurd. Een woonruimtevoorraadvergunning wordt niet uitsluitend in uitzonderingsgevallen verleend. Het college heeft hier een grotere beoordelingsruimte.

Tot slot

Hoewel de regeling voor de Opkoopbescherming vanuit het oogpunt van kansarmen op de woningmarkt sympathiek is, kan deze regeling ook ingrijpende gevolgen hebben voor woningeigenaren en beleggers. Het is niet zozeer bij de vaststelling van de gewijzigde Huisvestingswet, maar bij het toepassen van de Opkoopbescherming dat deze belangen op scherp komen te staan. De onderbouwing van de invoering van Opkoopbescherming in een gemeente is daarom essentieel. De noodzaak daarvan moet worden aangetoond, uiteindelijk zelfs op het niveau van de concrete woning. Dat betekent niet dat een aanwijzing van een hele wijk of hele gemeente niet mogelijk zou zijn, maar wel dat dit bijzonder goed moet worden gemotiveerd. Het is goed dat gemeenteraden zich daarvan bewust zijn, omdat het voor de hand ligt dat woningeigenaren en beleggers tegen de Opkoopbescherming zullen opkomen.

Bron: Stibbe

Arts en Accountant staat voor u klaar!

Vind hier alle informatie

Nieuwsbrief

Vul uw email in om u aan te melden voor onze nieuwsbrief.

Medisch Financieel Specialist nodig?

Neem contact met ons op!

Nieuwsarchief

  • Betaalgegevens Belastingdienst voor zakelijke belastingen
  • Jaarverantwoording aanleveren: uiterlijk 31 mei
  • WNT-verantwoordingsbrief ontvangen? Let dan op!
  • Ambtenaren schetsen oplossingen voor 30-jaarstermijn hypotheekrenteaftrek
  • Rechtsvermoeden voor zzp’ers aangenomen door Tweede Kamer Artikel
  • Bedrag ineens’ opnieuw uitgesteld: invoering pas in 2029
  • Eerste Kamer staat voor grote dillema’s rond box 3
  • Herinvesteringsvoornemen niet aannemelijk, dotatie aan HIR terecht geweigerd
  • WNT-verklaring voor eerstelijns zorgaanbieder een plicht
  • De Belastingdienst krijgt vanaf 1 mei nieuwe rekeningnummers
  • Uitbreidingsmogelijkheden KVK voor raadplegen UBO-register
  • Fiscale maatregelen Voorjaarsnota 2026
  • Erik van Dam over de aanloop naar de Zelfstandigenwet: ‘Kijk de komende tijd goed hoe je samenwerkt’
  • Fiscale maatregelen impact Midden-Oostencrisis
  • Zzp-markt krimpt, maar meeste zelfstandig ondernemers voldoen aan de regels
  • Tweede Kamer neemt wetsvoorstel rechtsvermoeden uurtarief aan
  • Rechter over zzp’er in de zorg: geen gezag, dus geen schijnzelfstandigheid
  • Vragen beantwoord over invoering rechtsvermoeden op basis van uurtarief
  • Youngtimerregeling en pseudo-eindheffing mogelijk alweer aangepast
  • Dga’s keren massaal dividend uit om belastingverhoging voor te zijn
  • ‘Jij hebt nog een openstaand bedrag van 157,48 euro aan Infomedics. Betaal je niet op tijd, dan volgen verdere incassomaatregelen’, staat in een Infomedics-phishingmail.
  • Na jaren discussie buigt Tweede Kamer zich over verplichte zzp-verzekering
  • Bezwaar tegen villataks belandt bij Hoge Raad
  • Versobering oudedagsvoorziening: waarom je beter voor je financiële situatie moet zorgen
  • NZa verruimt mogelijkheden voor uitstel jaarverantwoording zorgaanbieders
  • Hof Amsterdam: Uber-chauffeurs zijn geen werknemer
  • Heinen grijpt in: nieuwe box 3-belasting gaat toch op de schop
  • Ajax-kaarten geen acquisitie maar loon: fiscus wint zaak over skybox en seizoenkaarten
  • Belastingrente vennootschapsbelasting gaat omlaag
  • Kabinet wil banken toegang geven tot Basisregistratie Personen
  • Bestuurlijke boetes bij overtreding registratieplicht UBO’s kunnen flink oplopen
  • Bijtellingspercentages privégebruik auto in 2026 op een rij
  • Uitstel bij capaciteitsproblemen bij financiële dienstverleners
  • Renseigneringsverplichting alsnog over 2022, 2023 en 2024?
  • Rechtszaak: Wat ging er mis na de overname van MC Dent?
  • VNO-NCW wil vermogenswinstbelasting in box 3
  • De youngtimer grens gaat per 1 januari 2027 omhoog naar 25 jaar!
  • Flexibel personeel inhuren: wat zijn je opties?
  • Btw- afdracht: negatief nieuws of positieve kans?
  • Grote drukte bij notariskantoren: meer akten met minder notarissen
  • Kabinet zwicht voor Kamerdruk: ook in 2026 geen verzuimboetes bij schijnzelfstandigheid
  • Hoge Raad: all-in loon mag niet ten koste gaan van vakantieloon
  • Toezichthouder ACM wil strengere regels voor dierenartsen vanwege hoge prijzen
  • Eerste Kamer stemt in met Belastingplan 2026, youngtimerregeling fors versoberd
  • LHV-vergewistool helpt bij afweging inzet zzp-huisartsen
  • Box 3 verandert in 2028: belasting op écht rendement
  • Verbod op contante betalingen van € 3.000 of meer
  • Bijtellingskorting voor elektrische auto van de zaak verlengen
  • Uitstel voor zorgaanbieders bij capaciteitsproblemen accountant
  • Loonbelasting mag worden verhaald op werknemer
  • Btw op pensioenpremies? Heijnen negeert nieuwe gerechtelijke uitspraken
  • Hof: combinatie afbouw wet-Hillen en villataks geen schending mensenrechten
  • Terugvragen box 3-belasting wordt ‘fiscaal huzarenstukje’
  • Rechter: huisartsen onderbetaald door te lage tarieven van toezichthouder
  • Fiscale strop dreigt voor 1,6 miljoen werknemers met pensioenverzekering
  • Nieuwe wetten en regels voor ondernemers vanaf 1 januari 2026
  • Uiterste termijn deponeren jaarrekening
  • Schijnzelfstandigheid ontlopen? Een BV is niet de oplossing
  • Uitwerking zzp-wet geeft nog steeds geen duidelijkheid
  • Kabinet wil geen verlenging boetepauze bij schijnzelfstandigheid per 2026
  • Inkomsten actrice kwalificeren als belastbaar loon – gezagsverhouding aanwezig
  • Loonbelasting mag worden verhaald op werknemer
  • Zijn jubileumfeest en ski-reis loonvoordelen?
  • Coördinerende werkzaamheden huisarts voor stichting btw-belast
  • Voorstellen uit het Belastingplan 2026
  • Zorgverzekeraars gaan huisartsen helpen bij starten van nieuwe praktijken
  • Pensioen opbouwen als ondernemer
  • Wetsvoorstel verplichte verzekering zzp’ers aangepast: premie 5,4% van winst
  • Woningbeleggers opgelet: overdrachtsbelasting omlaag in 2026
  • Geen vrijstelling voor preventieve medische controles en advisering over uitslagen
  • Motie ‘geen loondoorbetaling bij ziekte voor kleine werkgevers in 2e jaar’ aangenomen
  • Tandarts spoorloos, maar ontslag op staande voet houdt geen stand
  • ‘Bijna helft bedrijven vermindert inzet zzp’ers door handhaving wet DBA’
  • Deskundigen: schaf hypotheekrenteaftrek af en bouw 1,8 miljoen woningen
  • Kabinet wijzigt tegenbewijsregeling om belastingtruc met obligaties tegen te gaan
  • Hoe de Belastingdienst zzp-casus na zzp-casus afwijst
  • Tijdelijke wet turboliquidatie met twee jaar verlengd
  • Tot welk bedrag is een schenking belastingvrij in 2025?
  • Box 3: Werkelijk rendement doorgeven
  • Schijnzelfstandigheid bij zzp’ers
  • De Vbar komt eraan. Tijd om grip te krijgen op je zzp-risico’s
  • Positief oordeel voor 3 zzp-casussen uit de mondzorg
  • ‘AOW wordt niet onbetaalbaar, maar lagere uitkering dreigt’
  • Geen echte zelfstandige? Let op pensioengevolgen!
  • De lijfrente als alternatief voor een pensioenregeling via de werkgever
  • Nieuwe wetten en regels voor ondernemers vanaf 1 juli 2025
  • Standaard Bedrijfsindeling (SBI-codes) voor activiteiten
  • Barbecue personeel onder de WKR? Fiscus geeft duidelijkheid
  • Modelovereenkomst vrijwaart niet altijd tegen naheffingen
  • 800 miljoen voor AI in de zorg: wat kan Agema daarmee doen?
  • Huisarts als uitzender: proefproject dreigt te stranden op btw-plicht
  • Verbod op contante betalingen vanaf € 3.000
  • Fysiotherapie in gevaar: 70% van eerstelijns fysio’s overweegt vertrek
  • Tweede Kamer stemt in met tegenbewijsregeling box 3, geen verzachting vastgoedbeleggers
  • De besloten vennootschap: rechtsvorm met minder privé risico
  • Kabinet Schoof gevallen. Wat betekent dit fiscaal?
  • Zzp’er blijkt werknemer – rechtszaken leveren schijnzelfstandige geld op
  • LHV gaat strijd met Belastingdienst aan om zzp-handhaving
  • Gebruikelijkloonregeling onder de loep: deels effectief, verbetering wenselijk
  • Renseigneringsverplichting alsnog over 2022, 2023 en 2024?

Kantoor Den Haag

Bezoekadres
Jan van Nassaustraat 125  
2596 BS Den Haag

+31 (0)70 3382730

info@artsenaccountant.nl

Aangesloten bij

NBA

Novak

Register Belastingadviseurs

Wij steunen:

Informatiemenu

  • Nieuwe Klant
  • Benchmark Tools
  • Veelgestelde vragen
  • Klachtenbehandeling
  • Support
  • Privacy Policy
Copyright & Cookies | © Arts en Accountant - All rights reserved
Designed by Alentejo Webdesign